IRIS DE VRIES – HUISBLOGGER UPDATE 3

Technologische Dictatuur, 20161116, droom. 

Voor de spiegel zet ik een stap achteruit om mezelf in mijn geheel te kunnen bekijken. Hier, in mijn kamer, zonder iemand als  referentie, is de betekenis van een-meter-twee-en-tachtig moeilijk in te schatten, maar laatst stond ik in de metro naast een vrouw die half mijn lengte was. Geloof me, dat brengt je zelfbeeld in perspectief, en opeens voelt hetzelfde getal veel groter in een andere situatie. Afgelopen week ontving ik een email waarin de boodschap stond dat met ingang van vandaag iedereen elke zondag officieel gewogen wordt. Ik speculeer over wat mijn gewicht zou kunnen zijn. Ik sta eigenlijk nooit op de weegschaal, ik heb moeite om de waarde van gekwantificeerde eigenschappen te benoemen en ik kan niet bedenken wat het getal voor mij zou kunnen betekenen. Misschien zal dat vanaf nu veranderen. Ik vraag me af of de vrouw in de metro de helft van mijn gewicht zou zijn.

Mijn vader roept van onderaan de trap dat we moeten opschieten. We zullen met z’n drieën gaan want mijn moeder kan niet mee, ze is net vrijgelaten  en staat onder voorlopig huisarrest. De elektrische band om haar enkel meet haar biometrische gegevens en slaat deze op. De zon schijnt, ze zou graag een wandeling maken maar er is geen mogelijkheid om het systeem te omzeilen. Een  ingebouwde GPS tracker houdt bij waar ze zich bevindt en een sensor telt iedere stap die zij zet. En dus zit ze aan de keukentafel te wachten tot wij terugkomen nog voordat we weg zijn. Ze wijst erop dat we genoeg moeten drinken en duwt een flesje water in mijn handen. Ik kopieer het adres uit de mail en laat Apple maps de route berekenen. Met mijn telefoon voorop loop ik gevolgd door mijn vader en broertje de straat op.

Dranghekken leiden ons naar de rij voor de Xray waar ik mijn buideltas op de band leg.
Het flesje water leg ik in een zwarte doos. Het is een scanner, voorzover ik heb begrepen.  Wat het precies detecteert begrijp ik nog steeds niet maar geconditioneerd wacht ik tot het groene LED licht zal gaan branden. Blijkbaar is het apparaat buiten werking en iemand van de security vraagt mij, dwingend, om een slok te nemen voor ik door mag lopen.
Ik weet niet wat ik precies had kunnen verwachten maar in mijn hoofd had ik een voorstelling gemaakt van een nieuwe innovatieve en vernuftige weegschaal. In werkelijkheid was het een parkeerplaats. Het rechthoekige stuk asfalt is zo te zien uit de grond gelifd en na installatie van het systeem op dezelfde plek terug gezet. De wegbelijning is hierdoor redelijk vervaagd.
Mijn vader wordt naar voren geroepen en legt voor de identificatie zijn vingertoppen op een glazen plaat. Om mijn handen alvast leeg te hebben steek ik het flesje water onhandig in mijn broekzak. Een groepje kinderen staat nieuwschierig te kijken als ik de parkeerplaats op stap. Een van hen komt naast mij staan maar een man in een fluoriserende jas maakt haar meteen duidelijk dat dat niet de bedoeling is; hij duwt haar opzij.
Als mijn broertje aan de beurt is wenkt de bewaker het meisje en zegt dat ze er nu wel bij mag. Ik protesteer en vraag waarom zij wel samen gewogen mogen worden. Hij antwoordt dat het voor iedereen onder de zestien niet uitmaakt, de gegevens van kinderen mogen volgens de huidige wet niet worden verwerkt. De reden om iedereen onder de zestien toch op te roepen is om ze alvast te laten wennen aan het wekelijkse ritueel. Ghostparticipation. Zoals we doen met afval scheiden, schatert hij er achteraan. Ik hoor mijn gevloek op het huidige systeem verstommen terwijl mijn vader me aan mijn arm meetrekt, weg van deze poppenkast. Ik voel dat ik het flesje nog steeds in mijn broekzak zit. Ze hebben het in de chaos niet eens opgemerkt en ik besef me dat ik volgende week in ieder geval een halve kilo lichter ben.
 
Om de drukte te ontwijken nemen we tevergeefs een omweg terug. Het lijkt alsof de hele stad zich naar buiten heeft begeven. Ik zit vast in een mensenstroom langs kraampjes met gepofte kastanje en verse taco’s waar de kaas in de brandende zon licht te smelten. Er zijn mensen die eten of sigaretten roken op de stoep. Op de grond hebben de straatverkopers hun kleden uitgelegd. Met schorre stemmen proberen zij ons elektronische muziekinstrumenten te aan te smeren, heel of in delen, waar de stekkers van zijn afgeknipt. In een elektronisch slagveld hopen camera’s, go-pro’s en tablets nog voor een prikkie te worden verkocht. Al deze apparaten en onderdelen kunnen en mogen niet meer worden aangesloten. Sinds Apple de macht heeft overgenomen zijn alle aansluitingen veranderd en is toegang op apparaten die geen iOs ondersteunen verboden.
Achter ons horen we iemand hoog fluiten. Het teken is gegeven: binnen enkel seconden grijpen de straatverkopers de uiteinden van hun kleden bij elkaar en maken zich uit de voeten. Ik sta stil en staar naar de plek waar ze zijn verdwenen tot de sirenes zijn gedoofd.

Thuis aangekomen zit mijn moeder op dezelfde plek aan de keukentafel. Ik wil haar over vandaag vertellen maar ze geeft me geen kans. Ook de buurman is zojuist opgepakt voor het aanzetten van een oude Android telefoon. De arme weduwnaar was alleen opzoek naar foto’s, maar genade wordt er niet gegeven. We kunnen geen risico meer lopen, en ze drukt ons op het hart om voorzichtig te zijn.

More from Iris de Vries

IRIS DE VRIES – HUISBLOGGER UPDATE 4

Alkmaar- Amsterdam- Arnhem.  Ik breng veel tijd door in de trein. Omdat...
Read More

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *